Een nieuw Requiem
interview met Christian Köhler
Een nieuw Requiem. Zo heet de voorstelling die I Solisti del Vento samen met Muziektheater Transparant creëerde. Het uitgangspunt van deze muziektheaterproductie is Mozarts overbekende Requiem. De muziek die het ensemble uitvoert is van Mozart, maar ook weer niet. ‘Nieuw’ is dit requiem beslist, want wat zal klinken is een hoogst persoonlijk en origineel arrangement van Christian Köhler. Die voorzag in een gelaagde herwerking van Mozarts muziek, waarin respect voor het origineel samengaat met eigenzinnige accenten.
Tja, hoe ontstaat zo’n idee? Achteraf bekeken is het moeilijk te reconstrueren. Uiteraard was ik reeds lang geboeid door de wonderlijke muziek van Mozart. Wellicht vanuit een compositorische curiositeit begon ik met zijn muziek te spelen. Vooral de onuitsprekelijk mooie maten van het Introitus spraken me erg aan. Hoe zou die muziek klinken, mocht Mozart voorzien hebben in minimale variaties? Zo begon ik eigen materiaal toe te voegen en werd de originele partituur mijn werkterrein.
Er was geen opdracht en geen vastomlijnd plan. Maar toen ik mijn arrangement voorlegde aan I Solisti del Vento, zag het ensemble meteen veel potentieel. Toch leek het ons raadzaam om de samenwerking binnen een ander, kleiner project te toetsen. Ze vroegen me om voor het zomerfestival in Saintes (Frankrijk) enkele delen uit Der Rosenkavalier van Richard Strauss te arrangeren, en omdat ik een groot bewonderaar ben van Richard Strauss stemde ik gelijk toe. Toen ik ontdekte dat Strauss zelf reeds zo’n arrangement gemaakt had, stelde ik voor ook andere Strausswerken te integreren. Het resultaat was een soort symfonisch gedicht voor een grote blazersformatie, waarin ook echo’s van Till Eulenspiegel, Don Juan, de Alpensymfonie en Also sprach Zarathustra weerklinken.
Ook in mijn arrangement van Mozarts requiem maakte ik enkele sprongen opzij. Zoals gezegd was ik er vooral op uit te onderzoeken wat in zijn partituur zoal gebeurde. Ik wilde zijn partituur uitpluizen, en zag diverse mogelijkheden om ook andere muziek uit het notenmateriaal te halen. In de eerste versie bijvoorbeeld liet ik de muziek doorschakelen naar Beethovens Egmont of zelfs Wagners Siegfried. Leuk allemaal, maar het mocht toch niet fors uit de hand lopen. Daarom schroefde ik het aantal kruisverwijzingen terug. In het arrangement zitten weliswaar nog doorkijkjes naar Bachs Mattheuspassie of Mozarts Vijfentwintigste symfonie, maar het finale resultaat is minder eclectisch en inhoudelijk strakker.
Hoe zal ik dit ‘nieuwe requiem’ omschrijven? Daar heb ik eigenlijk geen antwoord op. Het is zeker geen originele compositie, maar anderzijds is het ook niet zomaar een bewerking. Een hercompositie misschien, of een arrangement. Ach, het zijn allemaal maar labels of vignetten, die het publiek of de critici op de compositie moeten kleven. Als je aan het componeren bent, denk je vaak niet eens na over het resultaat of over de duiding van je werk. Tijdens het componeren is enkel de creativiteit van tel, niet de noemers of predikaten.
Wanneer het gaat om Mozarts Requiem komt ook Sussmayer om de hoek kijken. De brave leerling die het Requiem voltooide, heeft in het verleden reeds bakken kritiek over zich heen gekregen. Telkens worden zijn werk en zijn keuzes in vraag gesteld. Ik wilde me in die discussie niet mengen, en ben enkel uitgegaan van die bewegingen die met grote zekerheid aan Mozart worden toegschreven.
Mijn laatste bijdrage was het componeren van enkele interventies voor sopraan. Josse de Pauw vroeg me om enkele gezongen fragmenten, om te gebruiken tijdens de voorstelling. Daarvoor selecteerde hij enkele passages uit de originele, Latijnse requiemtekst. Vervolgens heb ik in de partituur van Mozart gekeken naar de originele tekstzettingen, en zo heb ik de gezongen interventies gecomponeerd.
Ik ben erg benieuwd naar de reacties. Je weet nooit wat mensen van je werk zullen vinden. Er zullen er zeker zijn die het schandelijk vinden wat ik met die mooie muziek uitspookte. Toch hoop ik dat het resultaat voor veel mensen goed zal klinken. Uiteindelijk heb ik de muziek steeds met het grootste respect behandeld. Wanneer ik afwijk van Mozarts partituur is dat steeds met reden, na zorgvuldig overleg. Of de compositie ook zal gedijen binnen een theatraal kader, laat zich eveneens raden. Dat zullen we dus binnenkort weten…
De compositie is afgerond, het arrangement is op cd gezet, de repetities zijn gepland. Ik heb het Requiem niet meer in eigen handen. En nu is het aan I Solisti del Vento, Muziektheater Transparant en Josse de Pauw om met tekst en muziek aan de slag te gaan. Ik kijk erg uit naar het resultaat, ook al weet ik dat er een afstand is tussen creatie en uitvoering. Als componist heb je het telkens net even anders in je hoofd, maar daar moet je je bij neerleggen. Alleen als je als dirigent of uitvoerder de leiding neemt, kom je tegemoet aan wat je uitdacht. Maar uiteindelijk is dat alles bijzaak: muziek is er in de eerste plaats voor de onbevangen luisteraar.
|